“Frisse neus” halen op de Afsluitdijk 14 november 2019.

 

Op de foto klikken om alle foto’s te kunnen zien.

 

 

“Frisse neus” halen op de Afsluitdijk 14 november 2019.

Het is donderdag, de werkdag tijdens de winterperiode op het Kazemattenmuseum. Zowel op de dinsdag als de donderdag is een groep vrijwilligers bezig onderhoudswerkzaamheden te verrichten, binnen en buiten op het grote terrein. Er is altijd wel weer van alles te verven, te repareren, te timmeren en te snoeien.

Ik besluit met Iebele mee te rijden naar het HaJé Restaurant, daar uit te stappen en vervolgens naar het museum te lopen. Zo gezegd, zo gedaan. Het is bitterkoud, want de temperatuur is laag en er staat een vrij stevige wind. Trouwens, het waait hier vrijwel altijd.

Hoewel ik weet, dat er volop aan de Afsluitdijk wordt gewerkt en er voor fietsers een speciale fietsbus in het leven is geroepen, ben ik tóch wel even in paniek bij het zien van het bord: doorgaand verkeer (dus ook voor fietsers en wandelaars) gestremd. Wat nu? Daar sta ik dan met m’n goeie gedrag. Dan zie ik in de verte iemand op de dijk lopen in een gele jas en besluit om dan ook maar de grasdijk op te gaan. Eerst nog een paar hekken over, maar dan kan ik rustig verder. Maak nog even een praatje met de bovengenoemde persoon, die vandaag examens af gaat nemen in het kader van dijkinspectie. Koude klus dus!  Wat in ieder geval bij de inspectie direct op zal vallen zijn de honderden muizengaten met sporen. Dat die kleine muisjes zulke sporen achter kunnen laten!

De lucht is grauw en grijs, evenals het water van het IJsselmeer. Aan de horizon een lichtroze streep en een flauw schijnsel van de zon, die wel probeert door het wolkendek heen te breken. Het lukt niet echt. Wel steeds een piepklein beetje meer, maar echt volop zon is er niet bij vandaag. Jammer, want dan ziet de wereld er toch wel heel anders uit. Na een tijdje kan ik de grasdijk verlaten en m’n weg vervolgen op de parallelweg. Af en toe even aan de kant voor wegwerkverkeer of een tractor met enorm brede banden, maar daar blijft het bij. In de berm zo ver je kunt kijken, dikke en dunne buizen, gelegen op rollers, die óf 1,5 ton kunnen dragen of 5 ton. Zwaar materiaal dus. Heb geen idee waar die voor gebruikt gaan worden. Ze liggen tot aan Kornwerderzand, waar nét voor het viaduct, omgeven door een hek, een depôt is met machines van de firma, die hier werkzaamheden uitvoert.

Het strandje ligt er verlaten bij. Hier wordt voorlopig niet meer gerecreëerd. Ook de kitesurfers, die hier altijd massaal over het water scheren, zijn hun plekje voorlopig kwijt. Onder het viaduct door, zie ik de fietsbus staan, die fietsers naar Den Oever brengt. Weliswaar op gezette tijden, er is nu dan ook geen teken van leven te bespeuren. Het nieuw gebouwde Afsluitdijk Wadden Center doemt voor me op en ik verheug me al op een kop koffie om de kou te verdrijven. Nou, vergeet het maar. De wintermaanden gesloten, alleen voor groepen op afspraak geopend (net als bij het Kazemattenmuseum overigens). Leerlingen tikken tegen de ramen en zwaaien, een andere groep leerlingen komt aangelopen. Voor mij dus geen plaats in de herberg! Gelukkig ben ik bijna bij het museum. Via een aantal trappen bereik ik het z.g. “dijksmagazijn”, waar de wintergroep z’n domicilie heeft.

De koffie is klaar. Heerlijk. En als je van buiten komt, is het aangenaam warm. Na de koffie doe ik een rondje over het grote terrein en bij terugkomst ga ik met de mannen aan de snert. Daarna verricht ik nog wat hand- en spandiensten, maak nog wat foto’s en dan zit op een bepaald moment het werk er voor vandaag weer op. Met Iebele rijd ik weer terug naar Balk. “Opgefrist en uitgewaaid” kun je wel zeggen. Maar het was de moeite waard. Alleen al om eens te zien wat er allemaal gebeurt aan de dijk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code